ECLI:NL:RBOBR:2017:359
Rechtbank Oost-Brabant · 26-01-2017 · zaaknummer 16_1111
Inhoudsindicatie
Opleggen van een boete aan eiser zowel in zijn hoedanigheid als medepleger als in zijn hoedanigheid van feitelijk leidinggever is in strijd is met het beginsel van ne bis in idem. De rechtbank zoekt aansluiting bij het strafrechtelijke leerstuk “Samenloop van strafbare feiten” (boek 1, Titel VI, van het WSr), waarin geldt dat, indien een feit onder meer dan één strafbepaling valt, de strafbepaling wordt toegepast waarop de zwaarste straf is gesteld. Hiervan uitgaande en in aanmerking genomen dat het verweerder vrijstaat eiser te beboeten als medepleger of als feitelijk leidinggever, komt de rechtbank tot het oordeel dat de laagste boete vernietigd dient te worden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
