ECLI:NL:RBOBR:2017:3281
Rechtbank Oost-Brabant · 16-06-2017 · zaaknummer 17_847
Inhoudsindicatie
De rechtbank is van oordeel dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bekledingsmuur monumentale waarde heeft. De omstandigheid dat de bekledingsmuur onderdeel is van de onroerende zaak die als beschermd monument is aangewezen, maakt nog niet dat deze ook monumentale waarde heeft. Verder is de rechtbank van oordeel dat eiser ook niet aannemelijk heeft gemaakt dat de werkzaamheden zijn gericht op het voorkomen van verval of het voorkomen van vervolgschade aan de 17e-eeuwse en middeleeuwse vestingmuur, als bedoeld in hoofdstuk 1.1., aanhef en onder b van de Leidraad. De conclusie is daarom dat verweerder in redelijkheid de kosten voor de werkzaamheden voor voeg- en metselwerk voor de vijf locaties niet subsidiabel heeft kunnen achten.’
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
