ECLI:NL:RBOBR:2016:150
Rechtbank Oost-Brabant · 19-01-2016 · zaaknummer 01/820213-15
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft grote hoeveelheden stoffen en voorwerpen te koop aangeboden en voorhanden gehad, terwijl hij wist dat deze bestemd waren tot het plegen van strafbare feiten als bedoeld in artikel 11, derde en/of vijfde lid van de Opiumwet. Verdachte wordt daarvoor veroordeeld tot een geldboete van € 10.000,--, een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van 2 jaar en verbeurdverklaring van de in beslag genomen goederen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
