ECLI:NL:RBOBR:2015:5633
Rechtbank Oost-Brabant · 24-09-2015 · zaaknummer 15_804
Inhoudsindicatie
De gedachte achter artikel 8a, eerste lid, onder b van het Besluit kinderopvangtoeslag is dat er voor buitenschoolse opvang minder opvanguren nodig zijn omdat deze kinderen op school zitten. Dit is in zijn algemeenheid een redelijk uitgangspunt. Het geval van eiseres is bijzonder: Zij is alleenstaand en draait mede nachtdiensten. Een groot deel van haar werktijden overlapt niet de schooltijden, waardoor een maximum van 70% van de gewerkte uren niet voldoende is. Zij heeft zich zelfs genoodzaakt gezien haar dienstverband te beëindigen omdat zij door het gestelde maximum van 70% van de gewerkte uren te weinig toeslag krijgt en geen andere mogelijkheden heeft om haar kind op te vangen. Artikel 8a, eerste lid onder b, van het Besluit kinderopvangtoeslag biedt geen mogelijkheid om rekening te houden met de bijzondere omstandigheden van eiseres. Aldus wordt zij door het maximum van 70% van het aantal gewerkte uren onevenredig zwaar getroffen. De rechtbank is van oordeel dat de maximering van 70% van het aantal gewerkte uren in artikel 8a, eerste lid, onder b van het Besluit kinderopvangtoeslag in het onderhavige geval buiten toepassing moet worden gelaten omdat het onverkort tegenwerpen van dit maximum aan eiseres in strijd is met het evenredigheidsbeginsel
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
