ECLI:NL:RBOBR:2015:3100
Rechtbank Oost-Brabant · 29-05-2015 · zaaknummer 14_4373
Inhoudsindicatie
Trefwoorden: Bestuurlijke boete wegens overtredingen Wav; Salduz-arrest; redelijke termijn; strenge eisen bewijsvoering; matiging; overschrijding urennorm; herroepen en zelf voorzien Uit het Salduz-arrest kan worden afgeleid dat een verdachte die door de politie is aangehouden, aan artikel 6 van het EVRM een aanspraak op rechtsbijstand kan ontlenen. Deze rechtspraak omvat echter niet het recht om een advocaat te consulteren in de situatie waarin, zoals in dit geval, geen vrijheidsbenemend dwangmiddel is toegepast en eiser niet minderjarig was. De redelijke termijn vangt in de meeste gevallen aan op de dag waarop de kennisgeving van de boete wordt gedaan. De rechtbank ziet geen aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken. De redelijke termijn van twee jaar is derhalve niet overschreden. Bij de oplegging van een boete berust de bewijslast in beginsel bij het bestuursorgaan. Aan de bewijsvoering moeten strenge eisen worden gesteld. In geval van twijfel dient aan de betrokkene het voordeel van de twijfel te worden gegund. Met betrekking tot een aantal in het bestreden besluit aangenomen overtredingen is onvoldoende overtuigend bewijs geleverd. Verweerder was dus niet bevoegd ter zake van deze overtredingen een bestuurlijke boete op te leggen. Er is sprake van een niet-marginale overschrijding van de urennorm van 10 uur per week. Bij het bepalen van het aantal uren verrichte arbeid per week dient niet te worden uitgegaan van het gemiddeld aantal uren per week, maar van het daadwerkelijk aantal uren in die week. Ook overigens zijn er geen redenen voor matiging. De rechtbank voorziet zelf in de op te leggen boete.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
