ECLI:NL:RBNNE:2025:3255
Rechtbank Noord-Nederland · 07-08-2025 · zaaknummer LEE 25/2233
Inhoudsindicatie
Omgevingsvergunning voor realiseren twee padelbanen op perceel van LTC Zweeloo Verzoekster drijft Camping De Knieplanden (de camping) op het perceel Hoofdstraat 2 in Zweeloo. De vergunninghouder drijft tennisclub LTC Zweeloo op het perceel Hoofdstraat 30 in Zweeloo (het perceel). De omgevingsvergunning is verleend voor het aanleggen van twee padelbanen op het perceel. Die padelbanen zijn grotendeels geprojecteerd op de plek van de meest westelijke van de drie tennisbanen, grotendeels binnen de bestemming ‘Sport’ en voor het overige binnen de bestemming ‘Groen’. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is het bestreden besluit op bezwaar onvoldoende zorgvuldig voorbereid en ontoereikend gemotiveerd wat betreft de geluidsbelasting door gebruik van de padelbanen. Het college is namelijk in dat besluit niet ingegaan op de vraag of met die geluidsbelasting is voorzien in een aanvaardbaar verblijfsklimaat in en nabij de recreatiemiddelen op de camping. Hoewel die recreatiemiddelen geen geluidsgevoelige objecten zijn, moet van een dergelijk verblijfsklimaat wel sprake zijn. Het college kan niet volstaan met verwijzen naar het geluidsadvies en de e-mail van de Omgevingsdienst Drenthe (Omgevingsdienst). In het geluidsadvies is niet ingegaan op die geluidsbelasting, nu de recreatiewoningen en andere recreatiemiddelen in dat advies geheel niet zijn meegenomen. Ook is in dat advies niet gemotiveerd waarom in dit geval volgens de Omgevingsdienst sprake is van een rustig woongebied. Niet aangegeven is hoe die kwalificatie zich in dit specifieke geval verhoudt tot de aard van de omgeving van de padelbanen. Die ongemotiveerde kwalificatie staat overigens ook haaks op het standpunt van het college ter zitting dat in dit geval sprake is van een gemengd gebied. Voorts geeft de e-mail evenmin duidelijkheid over de aard van de omgeving van de padelbanen. Hoewel de camping en recreatiewoningen wel zijn betrokken in de e-mail, staat daarin geen antwoord op de vraag of daar met gebruik van de padelbanen in akoestische zin sprake zal zijn van een aanvaardbaar verblijfsklimaat. In de belangenafweging stelt de voorzieningenrechter voorop dat de padelbanen grotendeels zijn geprojecteerd binnen de bestemming ‘Sport’ en het daarvoor geldende bouwvlak. Partijen zijn het erover eens dat de padelbanen aldaar ook mogen worden gerealiseerd en gebruikt. Voorzover een deel van de padelbanen binnen de bestemming ‘Groen’ is geprojecteerd, is sprake van een relatief beperkte inbreuk op dat bestemmingsvlak en een overschrijding van de toegestane bouwhoogte met twee meter. Voorts is aannemelijk dat er, indien nodig, geluidswerende voorzieningen bij de padelbanen mogelijk zullen zijn om eventuele onevenredige geluidsoverlast voor de omgeving te voorkomen. Gelet daarop is de voorzieningenrechter er niet op voorhand van overtuigd dat de vergunde activiteit niet ruimtelijk inpasbaar is. Voor de voorzieningenrechter ligt het daarom thans niet in de rede om de omgevingsvergunning in zijn geheel te schorsen. Voorts slaat de voorzieningenrechter acht op de aard van het hiervoor genoemde onderzoeks- en motiveringsgebrek over de geluidsbelasting van het gebruik van de padelbanen. Tussen partijen bestaat er onduidelijkheid over de akoestische kwalificatie van de aard van de omgeving waarin de padelbanen zijn gelegen (is er sprake van een landelijk gebied/rustige woonwijk, of van een gemengd gebied?). Ook bestaat er onduidelijkheid over de akoestische gevolgen van het gebruik van de padelbanen voor het verblijfsklimaat op de camping en de aldaar gelegen recreatiewoningen. Onduidelijk is wat de geluidsbelasting ter plaatse van (recreatiewoningen op) de camping zal zijn en wat die belasting betekent voor het verblijfsklimaat aldaar en daarmee voor de mogelijkheden voor verzoekster om haar bedrijf uit te oefenen. In het verlengde daarvan is onduidelijk in hoeverre geluidswerende voorzieningen bij de padelbanen geluidsoverlast kunnen tegengaan en in hoeverre die voorzieningen nodig zijn. Ter zitting is gebleken dat alle partijen gebaat zijn bij het krijgen van (meer) duidelijkheid over die geluidsaspecten. Nu de padelbanen zijn gerealiseerd en in gebruik worden genomen, kan die duidelijkheid zeer waarschijnlijk middels geluidsmetingen en een akoestische analyse van de meetresultaten worden verkregen. Ter zitting heeft het college zich bereid verklaard om de Omgevingsdienst in augustus 2025 geluidsmetingen en een akoestische analyse te laten verrichten en nader te motiveren hoe het betrokken gebied in dat verband gekarakteriseerd moet worden, als het college daartoe door de voorzieningenrechter wordt opgedragen. Voor de voorzieningenrechter ligt het daarom thans niet in de rede om het gebruik van de padelbanen tijdens de behandeling van het beroep te verbieden. Gelet op het voorgaande ziet de voorzieningenrechter aanleiding om het verzoek om voorlopige voorziening toe te wijzen en twee voorlopige voorzieningen te treffen, te weten dat het college wordt opgedragen om de Omgevingsdienst geluidmetingen te laten verrichten tijdens het gebruik van de padelbanen (voorziening 1) en nader te motiveren hoe het gebied gekarakteriseerd moet worden (voorziening 2). De voorzieningenrechter geeft het college daarvoor bepaalde aanwijzingen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
