ECLI:NL:RBNNE:2024:2177
Rechtbank Noord-Nederland · 06-06-2024 · zaaknummer LEE 22/4301
Inhoudsindicatie
IB/PVV. De rechtbank concludeert dat eiser de nabetaling in fiscale zin heeft ‘genoten’ in 2020, omdat hij dat geld pas in dat jaar in één keer heeft ontvangen en er eerder onzekerheid was over zijn recht daarop. Dat betekent dat de inspecteur het inkomen van eiser over 2020 juist heeft vastgesteld. De rechtbank kan niets veranderen aan deze situatie, omdat dat een keuze van de belastingwetgever is geweest. De aanslag klopt. Wel wil de rechtbank nog het volgende opmerken. Dat de aanslag IB/PVV 2020 voor eiser tot een enorm te betalen bedrag heeft geleid, komt niet alleen doordat de belastingwet zegt dat een nabetaling loon ineens is op het moment van nabetalen. De rechtbank heeft sterk het vermoeden dat het UWV veel te weinig loonheffing heeft ingehouden op de nabetaling. Het is immers erg onwaarschijnlijk dat er maar € 2.373 aan loonheffing drukt op een bruto loonbedrag van € 30.638.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
