ECLI:NL:RBNNE:2023:4973
Rechtbank Noord-Nederland · 01-12-2023 · zaaknummer 18-164407-20
Inhoudsindicatie
Vrijspraak De rechtbank acht hetgeen onder feit 1 primair, subsidiair en meer subsidiair en onder feit 2 primair en subsidiair is ten laste gelegd niet wettig en overtuigend bewezen, zodat verdachte hiervan zal worden vrijgesproken. De rechtbank overweegt hiertoe dat uit de in het dossier opgenomen verklaringen niet blijkt dat door verdachte geweldshandelingen tegen aangever zijn gepleegd. De (terloopse) opmerking van medeverdachte 1 dat verdachte tegen hem zou hebben gezegd dat hij (medeverdachte 1) de oplader moest gaan halen wordt door geen van de overige verklaringen bevestigd en is in tegenspraak met de eerdere verklaringen van medeverdachte 1 bij de politie waar hij heeft verklaard dat hij (medeverdachte 1) door medeverdachte 2 is weggestuurd om de oplader te halen. De enkele getalsmatige aanwezigheid van verdachte in de woning is onvoldoende om ten aanzien van de ten laste gelegde feiten medeplegen dan wel medeplichtigheid aan te nemen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
