Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNNE:2022:2223

Rechtbank Noord-Nederland · 01-07-2022 · zaaknummer AWB - 21 _ 2766 tot en met 21_2810

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 30-06-2022
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In de tussenuitspraak heeft de rechtbank al een oordeel gegeven op de materiële rechtsvragen. Naar aanleiding van de tussenuitspraak hebben partijen overlegd over de cijfermatige gevolgen van de beslissingen uit de tussenuitspraak en hebben zij daarover overeenstemming bereikt. Voor wat betreft de proceskostenvergoeding zijn partijen het er voor de beroepsfase over eens dat de wegingsfactor ‘zeer zwaar’ moet worden toegepast. Ook zijn partijen het eens over de proceshandelingen en het aantal punten. Voor de bezwaarfase is de rechtbank van oordeel dat de toegekende vergoeding geen passende vergoeding is, omdat er sprake is van een dermate lage vergoeding die niet in verhouding staat tot de hoeveelheid werk die de gemachtigde redelijkerwijs heeft moeten verrichten. Verweerder moet daarom een aanvullende vergoeding betalen. Voor wat betreft de immateriële schadevergoeding ziet de rechtbank reden om af te wijken van het normbedrag van € 500 per halfjaar overschrijding, omdat de hoogte van de naheffingsaanslag een belangrijke rol heeft gespeeld in de strafzaak tegen eiser (via de oriëntatiepunten van het LOVS).

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.