Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNNE:2020:4180

Rechtbank Noord-Nederland · 03-12-2020 · zaaknummer AWB LEE - 19 _ 2424

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 01-12-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiser is door verweerder (de ontvanger) aansprakelijk gesteld voor schulden van een vennootschap waarvan hij middellijk bestuurder was. De schulden waarvoor eiser aansprakelijk is gesteld betreffen twee naheffingsaanslagen omzetbelasting, een daarbij opgelegde vergrijpboete, belastingrente en invorderingskosten. De rechtbank oordeelt dat verweerder ten onrechte eisers bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard. Verweerder heeft bij het stellen van de termijn voor het motiveren van het bezwaar niet gewaarschuwd voor het mogelijke gevolg (de niet-ontvankelijkheid) als niet tijdig gereageerd zou worden. Dat staat in de weg aan het niet-ontvankelijk verklaren. Anders dan eiser stelt bestaat voor verweerder in de bezwaarfase geen verplichting om een afschrift te verstrekken van het gehele dossier. De mogelijkheid om afschriften te verzoeken is gekoppeld aan het inzagerecht. Dat verweerder niet het gehele dossier ter inzage zou hebben aangeboden maakt eiser niet aannemelijk. Uit de dossierstukken en hetgeen ter zitting verklaard blijkt volgens de rechtbank dat sprake was van twee middellijk bestuurders van de vennootschap. De rechtbank oordeelt dat verweerder in beginsel niet verplicht is om alle bestuurders (gelijktijdig) aansprakelijk te stellen. Bij het nemen van het besluit om niet alle bestuurders aansprakelijk te stellen is hij echter wel gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Nu verweerder er steeds vanuit is gegaan dat er sprake was van één bestuurder, heeft hij bij het besluit om eiser aansprakelijk te stellen en het doen van zijn uitspraak op bezwaar niet de nodige zorgvuldigheid betracht. Om deze reden zijn de besluiten ook niet deugdelijk gemotiveerd. De rechtbank vernietigt de uitspraak op bezwaar. Omdat de hoogte en omvang van de aansprakelijkstelling niet rechtstreeks uit de wet volgt kan de rechtbank niet zelf voorzien in de zaak. De zaak wordt daarom terugverwezen naar verweerder. De rechtbank geeft daarbij wel al een oordeel over de boete waarvoor eiser aansprakelijk gesteld is. Voor wat betreft de boete is de aansprakelijkstelling ten onrechte. Verweerder heeft niet bewezen dat eiser ook een verwijt treft ten aanzien van het beboete feit.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.