ECLI:NL:RBNNE:2020:3154
Rechtbank Noord-Nederland · 11-09-2020 · zaaknummer 18/840061-19
Inhoudsindicatie
Veroordeling wegens poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen tot een werkstraf van 120 uren waarvan 60 uren voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. De rechtbank overweegt dat volgens de landelijke oriëntatiepunten van het LOVS en gelet op de ernst van het door verdachte begane feit in beginsel een (deels voorwaardelijke) jeugddetentie een passende afdoening is. Gelet echter op de uitdrukkelijke adviezen van de deskundigen zal de rechtbank echter geen (voorwaardelijke) jeugddetentie aan verdachte opleggen. Verdachte heeft een straf verdiend en mag die straf ook voelen. Maar een straf moet -zeker bij een jeugdige- niet contra-productief zijn. Nu daarvan sprake zal zijn als de rechtbank enige vorm van jeugddetentie zou opleggen zal de rechtbank in dit uitzonderlijke geval volstaan met het opleggen van een deels voorwaardelijke werkstraf. Vrijspraak van witwassen en diefstal in vereniging.
Advocaten
- M. Flach
Partijen
[benadeelde partij]
benadeelde partij · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
