ECLI:NL:RBNNE:2020:2632
Rechtbank Noord-Nederland · 29-07-2020 · zaaknummer LEE 19/1995 en LEE 19/1997
Inhoudsindicatie
AW. De rechtbank vindt dat verweerder eiseres op goede gronden ontslag heeft verleend, omdat een vruchtbare samenwerking en voortzetting van het dienstverband redelijkerwijs niet kon worden verlangd. De rechtbank vindt verder dat verweerder een overwegend aandeel heeft gehad in het voortduren van de situatie die heeft geleid tot het ontslag van eiseres. Aan eiseres had een geldelijke compensatie moeten worden toegekend. Hoewel verweerder de stukken te laat heeft ingediend, verbindt de rechtbank hieraan geen gevolgen voor het ontslagbesluit en het schorsingsbesluit. De rechtbank verklaart het beroep tegen het ontslagbesluit gegrond, voor zover aan eiseres geen geldelijke compensatie is toegekend. De rechtbank herroept het primaire besluit 3 en bepaalt dat aan eiseres een geldelijke compensatie wordt toegekend overeenkomstig naar een factor 0,5.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
