ECLI:NL:RBNNE:2019:4053
Rechtbank Noord-Nederland · 24-09-2019 · zaaknummer LEE 18/2456
Inhoudsindicatie
Beroep gegrond. Verweerder heeft de door eiser aangevraagde huisvestingsvergunning ten onrechte geweigerd. Onder de Huisvestingswet 2014 wordt een onderscheid gemaakt tussen het onttrekken en het omzetten van woonruimte. De rechtbank is het met verweerder eens dat uit de Huisvestingsverordening voldoende blijkt dat (ook) voor het omzetten van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte bij minimaal drie bewoners een vergunning is vereist. Volgens de rechtbank was eiser in dit geval echter niet gehouden een huisvestingsvergunning aan te vragen, omdat eiser al voor de inwerkingtreding van de Huisvestingsverordening de woning verhuurde aan drie huurders. De rechtbank volgt verweerder niet in het betoog dat op grond van de Huisvestingsverordening ook een vergunningsplicht geldt voor het omgezet houden van onzelfstandige woonruimte. Verweerder had in dit geval de aanvraag van eiser moeten afwijzen en had deze niet kunnen weigeren omdat er geen vergunningsplicht geldt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
