ECLI:NL:RBNNE:2018:4809
Rechtbank Noord-Nederland · 06-11-2018 · zaaknummer 18/930043-18
Inhoudsindicatie
Opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod en; opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod. Niet is aannemelijk geworden dat verdachte de drugs niet in zijn bezit heeft gehad. Een ander scenario acht de rechtbank uitgesloten. De rechtbank legt op een gevangenisstraf voor de duur van 91 dagen, waarvan 90 dagen voorwaardelijk, met daaraan gekoppeld algemene en bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaren. Daarnaast legt de rechtbank een taakstraf voor de duur van 90 dagen op. De rechtbank gelast de gedeeltelijke tenuitvoerlegging van een in het kader van een v.i. uitgezeten hechtenis door verdachte.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
