ECLI:NL:RBNNE:2018:3706
Rechtbank Noord-Nederland · 18-09-2018 · zaaknummer 18/720172-18
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een reeks vermogensdelicten, waaronder gekwalificeerde diefstallen, diefstal en opzetheling. De rechtbank overweegt dat verdachte door zijn handelen heeft bijgedragen aan vermogenscriminaliteit en met heling aan de instandhouding daarvan. De rechtbank houdt verdachte verantwoordelijk voor de overlast die de slachtoffers hebben moeten ervaren. Verdachte heeft met de bewezenverklaarde feiten aangetoond geen respect te hebben voor de eigendommen van een ander. Inbraken veroorzaken in het algemeen gevoelens van angst bij de slachtoffers en veroorzaken gevoelens van onrust in de maatschappij. Als reactie op deze strafbare feiten dient een gevangenisstraf het uitgangspunt te zijn. Gelet op het advies van de reclassering en gericht op het voorkomen van recidive in de toekomst zal de rechtbank aan het voorwaardelijk deel van de op te leggen gevangenisstraf de bijzondere voorwaarden verbinden zoals geadviseerd door de reclassering. Gelet op de verklaring van verdachte ter terechtzitting is de rechtbank voorts gebleken dat verdachte de schorsingsvoorwaarden heeft overtreden door het eigenmachtig gebruik van dexamfetamine, een middel van lijst I van de Opiumwet. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de schorsing van de voorlopige hechtenis moet worden opgeheven.
Rechters
Advocaten
Partijen
[benadeelde partij]
benadeelde partij · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
