Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNNE:2018:3620

Rechtbank Noord-Nederland · 11-09-2018 · zaaknummer 18/750021-14 ontnemingsbeslissing

StrafrechtGepubliceerd 10-09-2018
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Noordelijke Fraudekamer. Onderzoek Arville, ontnemingsbeslissing. Betalingsverplichting verminderd met de tegenwaarde van inbeslaggenomen vermogensbestanddelen, zowel in het geval deze bij eerdere rechterlijke beslissing verbeurd zijn verklaard als in het geval deze na inbeslagname door de politie zijn vernietigd, nu in beide gevallen de veroordeelde door strafrechtelijk overheidsingrijpen reeds is getroffen in zijn (criminele) vermogen. De rechtbank acht op grond van de bij de veroordeelde aangetroffen contante geldbedragen en luxegoederen, de berekening door de politie van de contante uitgaven die nodig zijn geweest om zijn luxe levenspatroon te financieren en de berekening door de politie van de investering die nodig is geweest om de invoer van 500 kilogram cocaïne te financieren, aannemelijk dat hij uit de opbrengst van strafbare feiten een voordeel heeft genoten van ruim € 15 miljoen. Bij de vaststelling van de betalingsverplichting houdt de rechtbank rekening met het feit dat een bedrag van ruim € 600.000 ten goede is gekomen aan zijn echtgenote en medeveroordeelde en dat dit bedrag aan haar zal worden ontnomen, dat de bij de veroordeelde aangetroffen contante geldbedragen en luxegoederen ter waarde van ruim € 3 miljoen door de politie in beslag zijn genomen en door de rechtbank in de strafzaak verbeurd zijn verklaard en dat de partij cocaïne die de veroordeelde voor ruim € 9 miljoen gefinancierd had eveneens door de politie in beslag is genomen en is vernietigd. Anders dan de officier van justitie heeft betoogd, is de rechtbank van oordeel dat de inbeslagname van de partij cocaïne betekent dat de veroordeelde door strafrechtelijk overheidsingrijpen reeds in zijn (criminele) vermogen is getroffen, zodat er, gelet op het rechtsherstellende karakter van de ontnemingsmaatregel, geen ruimte bestaat om de veroordeelde te verplichten het bedrag dat met de financiering van deze partij cocaïne gemoeid was alsnog aan de Staat te betalen. De rechtbank stelt de betalingsverplichting die aan de veroordeelde wordt opgelegd daarom vast op een bedrag van € 1,9 miljoen.

Advocaten

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.