ECLI:NL:RBNNE:2016:1834
Rechtbank Noord-Nederland · 24-03-2016 · zaaknummer 18.730418-14
Inhoudsindicatie
Opiumwet. Oplegging van 5 jaren gevangenisstraf. Overwegingen omtrent bruikbaarheid van getuigenverklaringen, medeplegen, poging en voorbereiding van invoer van cocaïne en de deelname aan een criminele organisatie als omschreven in artikel 11a Opiumwet. Verdachte heeft deelgenomen aan een criminele organisatie die tot doel had het invoeren van cocaïne vanuit Zuid-Amerikaanse landen. Hiertoe werden koeriers vanuit Nederland naar Zuid-Amerika gezonden, die de drugs in hun bagage mee terug moesten nemen. Ook is getracht cocaïne in te voeren door het versturen van een postpakket. Dit heeft geleid tot één voltooide invoer, twee pogingen daartoe en tweemaal voorbereiding daarvan. Daarnaast is in de door verdachte gebruikte woonruimte een hoeveelheid van nagenoeg 5 kilogram cocaïne aangetroffen. De rol van verdachte bestond hierbij telkens uit het onderhouden van contacten in het buitenland, het financieren en organiseren van de reis en aankoop van de verdovende middelen en het vervolgens in ontvangst nemen van die middelen. De medeverdachten omschrijven verdachte als hun (uiteindelijke) opdrachtgever en stonden allen onder diens instructie
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
