Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNNE:2015:4118

Rechtbank Noord-Nederland · 27-08-2015 · zaaknummer Awb 15/1695

BestuursrechtGepubliceerd 27-08-2015
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Eiseres had een voorziening voor Huishoudelijke hulp (HH-1) voor vier uur per week. De indicatie hiervoor liep af per 1 januari 2015. Het betreffende besluit is door eiseres niet aangevochten. Vervolgens heeft verweerder bij besluit van 30 oktober 2014 ambtshalve besloten de indicatie te verlengen tot 1 mei 2015. Tegen dit besluit is door eiseres bezwaar gemaakt en tegen de beslissing op bezwaar is beroep ingesteld. De rechtbank heeft allereest vastgesteld dat de omvang van het geschil beperkt is tot de verlenging van de voorziening tot 1 mei 2015, waarbij verweerder deze verlenging heeft gebaseerd op de Wmo 2007. Het geschil gaat niet over de vraag waarop eiseres na 1 mei 2015 recht heeft en - meer specifiek- de vraag of alsdan een algemene voorziening op grond van de Wmo 2015 zou volstaan. Dit zou wellicht anders zijn geweest indien sprake was van een op grond van de Wmo 2007 gegeven en in tijd doorlopende indicatie die in 2015 tussentijds, dus voor het aflopen van de eerder gegeven indicatieduur, wordt beëindigd. Zo’n situatie moet immers worden beoordeeld met inachtneming van het overgangsrecht. Hiertoe is van belang dat in artikel 18 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Assen 2015 is bepaald dat een cliënt recht houdt op een lopende voorziening op grond van de Vivmo, totdat het college een nieuw besluit heeft genomen. In het geval van eiseres is deze situatie niet aan de orde. Nu (het overgangsrecht van) de Wmo 2015 niet aan de orde is, heeft verweerder het bestreden besluit terecht alleen gebaseerd op het recht zoals dat gold vóór 1 januari 2015. Voor zover in het bestreden besluit verwezen is naar de regelgeving onder vigeur van de Wmo 2015, waaronder het aanbieden van HH-1 in de vorm van een algemene voorziening, heeft dat geen rechtsgevolg, maar is dat slechts van informatieve aard. Ten aanzien van de verlenging overweegt de rechtbank dat geen rechtsregel verweerder verbiedt om bij het vaststellen van de duur te betrekken dat de regelgeving op korte termijn wijzigt, met dien verstande dat altijd de vraag dient te worden beantwoord of de indicatie(duur) de beperkingen van een belanghebbende voldoende compenseert in de zin van artikel 4 van de Wmo 2007. De rechtbank overweegt dat eiseres met de verlenging van de indicatie tot en met 30 april 2015 tot die tijd beschikt over een, zoals niet in geschil is, voldoende compenserend persoonsgebonden budget en hiermee voldoende tijd heeft gekregen een melding en een eventueel daaropvolgende aanvraag op grond van de Wmo 2015 te doen teneinde haar zorgvraag vanaf 1 mei 2015 te laten beoordelen. De rechtbank ziet geen aanleiding te komen tot het oordeel dat de duur van de indicatie in strijd komt met de compensatieplicht neergelegd in artikel 4 van de Wmo 2007. Het beroep is ongegrond.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.

Partijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen

    verweerder · overheid

Overheidspartijen

  • het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Assen

    verweerder

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.