ECLI:NL:RBNNE:2015:3383
Rechtbank Noord-Nederland · 01-07-2015 · zaaknummer C/18/155866 / PR RK 15-215
Inhoudsindicatie
Misbruik van de executiebevoegdheid van de bank leidt tot afwijzing van het verzoek tot onderhandse verkoop. Artikel 548 vierde lid, tweede zin, Rv. schrijft voor dat de rechter bij afwijzing van het verzoek tevens de dag zal bepalen waarop de openbare verkoop zal plaatsvinden. Die bepaling vooronderstelt dat de bank in redelijkheid van haar bevoegdheid tot executie gebruik kan maken. Nu daarvan thans geen sprake is, zal het bepaalde in artikel 548 vierde lid, tweede zin, Rv. buiten toepassing worden gelaten, zodat geen datum voor een veiling zal worden bepaald.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
