ECLI:NL:RBNNE:2014:2403
Rechtbank Noord-Nederland · 13-05-2014 · zaaknummer 18.930470-13
Inhoudsindicatie
De rechtbank is ten aanzien van het telkens primair ten laste gelegde van oordeel dat niet is komen vast te staan dat verdachte bij een of meer van de tenlastegelegde inbraken betrokken is geweest of daarbij aanwezig is geweest. Verdachte ontkent zijn betrokkenheid, de medeverdachten verklaren evenmin over de betrokkenheid van verdachte, er zijn geen sporen gevonden die in de richting van de verdachte wijzen, en er zijn geen getuigen die de betrokkenheid of aanwezigheid van verdachte bij de tenlastegelegde inbraken hebben waargenomen. De verdachte dient ook van het hem onder 1, onder 2, onder 3, onder 4, onder 5, onder 6, onder 7 en onder 8 telkens subsidiair tenlastegelegde te worden vrijgesproken omdat de rechtbank dit, evenals de verdachte en diens raadsvrouw, niet wettig en overtuigend bewezen acht. Hoewel de verdachte heeft erkend pakketjes met gestolen goederen naar Kosovo te hebben verstuurd, kan de rechtbank daaruit niet afleiden dat deze verstuurde goederen afkomstig waren of kunnen worden herleid naar de goederen die zijn ontvreemd bij de acht inbraken genoemd in de tenlastelegging.
Advocaten
Officier van justitie
- A.M. Ariese
officier van justitie
Partijen
[benadeelde]
benadeelde · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
