ECLI:NL:RBNHO:2026:5653
Rechtbank Noord-Holland · 13-05-2026 · zaaknummer 15/315387-24 en 15/265020-22 (tul)
Inhoudsindicatie
Vrijspraak voor het primair ten laste gelegde medeplegen van gekwalificeerde opzetverkrachting en de subsidiair ten laste gelegde aanranding. Naar het oordeel van de rechtbank zijn de verklaringen van de aangeefster onvoldoende concreet en gedetailleerd over de aard van de seksuele handelingen die bij haar zouden zijn uitgevoerd, onder welke omstandigheden die handelingen plaatsvonden en wie daarbij betrokken was. De rechtbank acht de verklaringen van de aangeefster daarom onvoldoende betrouwbaar om deze als uitgangspunt voor de bewijsvoering te nemen. De vordering van de benadeelde partij en de vordering tot tenuitvoerlegging worden niet-ontvankelijk verklaard.
Advocaten
Officier van justitie
- A.M.H.G. Peters
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
