ECLI:NL:RBNHO:2025:4206
Rechtbank Noord-Holland · 22-04-2025 · zaaknummer AWB - 23 _ 6874
Inhoudsindicatie
Box 3 zaak. Ongegrond. Eiser is erfgenaam van erflaatster. Erflaatster is op 2 januari overleden. Voor de inkomstenbelasting wordt het fictieve rendement over het gehele belastingjaar belast conform artikel 5.2, eerste en derde lid van de Wet IB 2001. Eiser stelt dat het in aanmerking te nemen werkelijk rendement dient te berusten op tijdsevenredig herrekening. De rechtbank gaat hier niet in mee op grond van de wettekst en de wetsgeschiedenis van artikel 5.2 Wet IB 2001. Het kerstarrest (ECLI:NL:HR:2021:1963) en de juni-arresten ECLI:NL:HR:2024:704 en ECLI:NL:HR:2024:705) brengen de rechtbank niet tot een ander oordeel. De rechtbank ziet geen schending van artikel 14 EVRM en artikel 1 EP EVRM in het achterwege laten van een tijdsevenredige herrekening.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belastingdienst
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Belastingdienst
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
