ECLI:NL:RBNHO:2025:27
Rechtbank Noord-Holland · 06-01-2025 · zaaknummer 15.254694.24
Inhoudsindicatie
Integrale vrijspraak voor het in voorraad houden van ketamine (primair: artikel 40, lid 2, Geneesmiddelenwet, subsidiair: artikel 38, lid 1, Geneesmiddelenwet). Omdat ketamine niet een geneesmiddel is in de zin van de Geneesmiddelenwet, wordt de verdachte vrijgesproken van het primaire ten laste gelegde feit. Artikel 38 Geneesmiddelenwet is geplaatst in de titel “Fabrikanten en groothandelaars van werkzame stoffen”. Uit de plaatsing van dit artikel in de wet volgt dat deze bepaling zich richt tot fabrikanten en groothandelaars. Mede gelet op de definitie van “het drijven van een groothandel” moet het begrip “in voorraad hebben” worden uitgelegd als het hebben van een voorraad in het kader van het drijven van een groothandel dan wel het (op grote schaal) fabriceren van werkzame stoffen. Omdat niet vast staat dat de verdachte zich bezig hield het drijven van een groothandel, wordt hij ook van het subsidiair ten laste gelegde feit vrijgesproken.
Advocaten
Officier van justitie
- I. Hermans
officier van justitie
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
