ECLI:NL:RBNHO:2024:822
Rechtbank Noord-Holland · 31-01-2024 · zaaknummer 334300
Inhoudsindicatie
Gevoegd met 333395, 333402 en 338034. Vordering van (im)materiële schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen jegens vader tijdens ondertoezichtstelling van minderjarig kind. Vorderingen worden afgewezen, want gestelde feiten leiden niet tot de conclusie dat onrechtmatig is gehandeld. De tegenvordering, de verklaring voor recht dat sprake is van misbruik van recht, wordt wel toegewezen, omdat het instellen van afzonderlijke procedures tegen de medewerkers, naast de procedure tegen hun - verzekerde - werkgever, onnodig en zelfs onrechtmatig is. De gevorderde schadevergoeding wordt afgewezen, omdat het causaal verband tussen het misbruik van recht en de gestelde schade niet is komen vast te staan.
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
