ECLI:NL:RBNHO:2024:779
Rechtbank Noord-Holland · 30-01-2024 · zaaknummer 15-019442-23
Inhoudsindicatie
Verdachte is vrijgesproken van het in voorraad hebben van geneesmiddelen. De rechtbank constateert dat in de tenlastelegging het bestanddeel ‘handelsvergunning’ ontbreekt en bevat dus niet alle bestanddelen van de delictsomschrijving van artikel 40 lid 2 van de Geneesmiddelenwet. Wel is tenlastegelegd een ‘vergunning van Onze Minister’. Dit is een bestanddeel van de delictsomschrijving in artikel 18 van de Geneesmiddelenwet. De rechtbank is daarom bij de beoordeling uitgegaan van een tenlastelegging die ziet op overtreding van artikel 18 van de Geneesmiddelenwet. Verdachte heeft verklaard dat hij de geneesmiddelen voor eigen gebruik in bezit had. De rechtbank acht daarom niet bewezen dat hij deze middelen in voorraad heeft gehad als bedoeld in de Geneesmiddelenwet. Veroordeling voor handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en overtreding van artikel 8, vijfde lid, van de Wegenverkeerswet 1994. De verdachte heeft onder invloed van alcohol en cocaïne een auto bestuurd. In de zijn auto werd een geladen revolver aangetroffen en in zijn woning meerdere wapens en munitie. Gevangenisstraf van 240 dagen waarvan 204 dagen voorwaardelijk (gelijk aan voorarrest), een taakstraf van 140 uren en een voorwaardelijke OBM voor de duur van 6 maanden.
Advocaten
Officier van justitie
- L.J.F. Driessen
officier van justitie
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
