ECLI:NL:RBNHO:2024:7372
Rechtbank Noord-Holland · 03-07-2024 · zaaknummer 11018758 \ CV EXPL 24-911
Inhoudsindicatie
De zaak gaat om de vraag of de huurovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden en de huurders de bedrijfsruimte moet ontruimen, omdat zij een huurachterstand hebben. De kantonrechter is van oordeel dat de hoogte van de huurachterstand dit rechtvaardigt. De vordering van de verhuurster wordt daarom toegewezen. Ook moeten de huurders de huurachterstand, de nog te verschijnen huurtermijnen/gebruiksvergoeding en een deel van de gevorderde contractuele boete en incassokosten betalen. De huurders moeten ten slotte een schadevergoeding betalen tot een bedrag van drie maanden huur vanaf de datum van ontruiming. Voor toewijzing van een hoger bedrag aan schadevergoeding is nu geen reden, omdat nog niet vast staat dat de verhuurster meer schade zal hebben. De vordering wordt voor de overige gestelde schade verwezen naar de schadestaatprocedure.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
