ECLI:NL:RBNHO:2023:6468
Rechtbank Noord-Holland · 23-03-2023 · zaaknummer 10137083
Inhoudsindicatie
In deze zaak vordert een werkgever dat voor recht wordt verklaard dat de arbeidsovereenkomst met een werknemer is geëindigd door het aflopen van de bepaalde tijd daarvan. De werknemer heeft als verweer dat op grond van de toepasselijke cao een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontstaan. De kantonrechter geeft de werknemer gelijk. De kantonrechter oordeelt dat in een cao ten gunste van een werknemer mag worden afgeweken van de zogenoemde ‘ketenregeling’ in de wet, zoals in dit geval is gebeurd. De vordering van de werkgever wordt daarom afgewezen en de werkgever wordt veroordeeld tot loonbetaling.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
