ECLI:NL:RBNHO:2023:4945
Rechtbank Noord-Holland · 23-05-2023 · zaaknummer HAA 22/1825
Inhoudsindicatie
Aan eiser is een naheffingsaanslag belasting van personenauto’s en motorrijwielen opgelegd. Eiser heeft gesteld dat de CO2-uitstoot van het voertuig ten behoeve van de berekening van de bruto BPM op basis van de zogenoemde Scandinavische rekenmethode leidt tot een schending van artikel 110 van het VWEU. De rechtbank stelt voorop dat het op de weg van eiser ligt om feiten en omstandigheden te stellen en zo nodig te bewijzen op grond waarvan aannemelijk kan worden geacht dat sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 110 van het VWEU. Volgens eiser blijkt uit de omstandigheid dat de auto in Duitsland is geregistreerd, dat sprake is van een auto die afkomstig is van de Duitse markt. Naar het oordeel van de rechtbank is eiser niet geslaagd in de op hem rustende bewijslast dat de auto kan worden aangemerkt als een ‘product van de overige lidstaten’ als bedoeld in artikel 110 van het VWEU. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belastingdienst
verweerder · overheid
[eiser]
eiser · onbekend
Overheidspartijen
Belastingdienst
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
