Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNHO:2023:1925

Rechtbank Noord-Holland · 21-02-2023 · zaaknummer HAA - 21/3564

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 06-03-2023
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Verweerder heeft aan eiseres aanslagen Vpb over de jaren 2010, 2011 en 2012 opgelegd. Eiseres is een besloten vennootschap. Haar activiteiten bestaan uit de exploitatie van onroerend goed en het deelnemen in dochtervennootschappen. De enig aandeelhouder van eiseres (X) is gevestigd in Zwitserland. Eiseres is enig aandeelhouder van de besloten vennootschappen A, B, C en D en heeft financiering aangetrokken van de in Zwitserland gevestigde entiteit E. In geschil is of verweerder de hoorplicht in de bezwaarprocedure geschonden heeft en of de bepalingen van artikel 7:4, tweede en derde lid, van de Awb geschonden zijn. Daarnaast is in geschil of verweerder de belastbare bedragen volgens de aangiften terecht en tot de juiste bedragen gecorrigeerd heeft. Naar het oordeel van de rechtbank is van schending van de hoorplicht en het inzagerecht van eiseres geen sprake. De rechtbank is van oordeel dat het vermoeden gerechtvaardigd is dat E een met eiseres verbonden lichaam is voor de toepassing van artikel 10d van de Wet Vpb. De in geschil zijnde rente is door eiseres verschuldigd aan E en zij is er niet in geslaagd het vermoeden te ontzenuwen dat deze vennootschap een met eiseres verbonden lichaam is. Verweerder heeft de aftrek van de aan E verschuldigde excessieve rente terecht geweigerd. Dat de Zwitserse autoriteiten niet hebben kunnen vaststellen dat voor het jaar 2012 de vader van de bestuurder van eiseres economisch gerechtigd was tot X en E, maakt dat voor dat jaar niet anders. Eiseres’ stelling dat de correctie op grond van artikel 10d van de Wet Vpb moet worden verminderd omdat met een onjuist bedrag aan rente gerekend zou zijn, slaagt niet. Evenmin slaagt haar stelling dat de door de Belastingdienst over de jaren 2007, 2008 en 2009 in rekening gebrachte heffings- en invorderingsrente in aftrek kan worden gebracht in 2010. De stellingen van eiseres ten aanzien van (overige) kosten in 2011 en 2012, met uitzondering van de door verweerder ter zitting erkende kosten ten aanzien van A in 2011, slagen ook niet. Verweerder heeft een beroep op interne compensatie gedaan, omdat uit het tiendagenstuk blijkt dat de thin cap correctie hoger had moeten zijn. De rechtbank volgt verweerder hierin. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [eiseres]

    eiseres · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.