ECLI:NL:RBNHO:2023:12940
Rechtbank Noord-Holland · 15-12-2023 · zaaknummer C/15/345546 / KG ZA 23-594
Inhoudsindicatie
Vordering tot opheffing van conservatoir beslag. De grondslag van de vordering van de beslaglegger op de beslagene is onrechtmatige daad, meer in het bijzonder externe bestuurdersaansprakelijkheid van de beslagene voor de aansprakelijkheid van diens besloten vennootschap jegens de beslaglegger. Voor het aannemen van persoonlijke aansprakelijkheid geldt een hoge drempel. Hetgeen de bestuurder wist of redelijkerwijs behoorde te begrijpen, speelt een belangrijke rol bij de beantwoording van de vraag of de bestuurder persoonlijk aansprakelijk is voor het onbetaald of onverhaalbaar blijven van een vordering op de betreffende vennootschap. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter heeft de bestuurder/beslagene in dit kort geding aannemelijk gemaakt dat hem niet persoonlijk een ernstig verwijt treft, zodat summierlijk is gebleken van de ondeugdelijkheid van het door de beslaglegger ingeroepen recht. Het gevorderde verbod om opnieuw conservatoire beslagen te mogen leggen ten laste van de beslagene voor de vorderingen zoals omschreven in het Beslagrekest wordt afgewezen. Er bestaat onvoldoende grond om de beslaglegger te verbieden in de toekomst, wanneer de omstandigheden wellicht gewijzigd zijn, gebruik te maken van de wettelijke mogelijkheid tot het leggen van conservatoir beslag. Wel rust op de beslaglegger op grond van artikel 21 Rv de verplichting om bij een eventueel hernieuwd verzoekschrift melding te maken van de inhoud van dit vonnis, alsmede van het eerdere beslagrekest.
Rechters
Advocaten
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
