ECLI:NL:RBNHO:2023:11347
Rechtbank Noord-Holland · 09-11-2023 · zaaknummer C/15/345176 / KG ZA 23-582
Inhoudsindicatie
Kort geding. Eiser vordert veroordeling van gedaagde tot het verlenen van haar medewerking aan doorhaling van de hypothecaire geldlening. Gedaagde heeft dat geweigerd omdat zij vindt dat eiser de rente over de resterende maandtermijnen aan haar verschuldigd is. Kredietovereenkomst tussen eiser als consument en gedaagde als natuurlijke persoon. Uitgangspunt is dat eiser als consument het recht heeft zich voor het verstrijken van de kredietovereenkomst geheel of gedeeltelijk van zijn verplichtingen te kwijten. Daarvan kan in de kredietovereenkomst worden afgeweken. Artikel 7:127 BW. In de onderhavige kredietovereenkomst zijn geen voorwaarden aan vervroegde aflossing verbonden. Verder heeft gedaagde de geldlening op een eerder moment zelf opgeëist. Op grond daarvan was eiser alleen de hoofdsom en een boeterente van 3 maanden aan gedaagde verschuldigd. Dat gedaagde later om een aflosnota is gevraagd in verband met verkoop van de onroerende zaak maakt dat niet anders. Vordering toegewezen.
Rechters
Advocaten
- J.G. Burgers
- J.W. Volkers
- L.J. Saarloos
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
