ECLI:NL:RBNHO:2022:8381
Rechtbank Noord-Holland · 10-08-2022 · zaaknummer C/15/319033 / HA ZA 21-418
Inhoudsindicatie
Partijen hebben in het verleden met elkaar samengewerkt in het kader van de verkoop van energiecontracten. De samenwerking is begin 2021 geëindigd. In juli 2021 heeft eiseres per abuis een betaling verricht aan gedaagde 1 en zij vordert terugbetaling daarvan. Gedaagden betwisten dat sprake is van een vergissing en stellen dat zij een tegenvordering hebben op eiseres op grond van onrechtmatige daad. Volgens gedaagden heeft eiseres gebruikt gemaakt van de licentie van gedaagde 1, althans het gebruik van de licentie door een derde gefaciliteerd, zonder een vergoeding te betalen aan gedaagden. De rechtbank wijst de vordering van eiseres tegen gedaagde 1 toe, omdat sprake is van onverschuldigde betaling. Ook de vordering van eiseres tegen de bestuurder van gedaagde 1 (gedaagde 2) is toewijsbaar, omdat de bestuurder in de partnerovereenkomst met eiseres hoofdelijke aansprakelijkheid heeft aanvaard. De tegenvordering van gedaagden op eiseres wordt afgewezen, want in deze procedure niet is gebleken van onrechtmatig handelen van eiseres.
Rechters
Advocaten
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
