ECLI:NL:RBNHO:2022:6643
Rechtbank Noord-Holland · 19-07-2022 · zaaknummer C/15/327829 / KG ZA 22-228
Inhoudsindicatie
Partijen zijn voormalig echtgenoten. In de echtscheidingsbeschikking is beslist dat de gezamenlijke woning van partijen moet worden verkocht. De vrouw heeft hoger beroep ingesteld tegen de echtscheidingsbeschikking. De man wil dat de woning zo snel mogelijk wordt verkocht, omdat hij anders dubbele woonlasten moet gaan betalen en hij de overwaarde uit de woning nodig heeft. Bovendien is er volgens de man een gerede kans dat de te verwachten opbrengst van de woning zal dalen als de verkoop wordt uitgesteld. De vrouw vraagt de verkoop van de woning te schorsen totdat in hoger beroep is beslist. Zij heeft nog 6 maanden recht op voorgezet gebruik van de woning. Bovendien stelt zij dat zij op korte termijn in staat is de woning over te nemen van de man, want zij heeft inmiddels een baan, krijgt geld van haar ouders en kan aanspraak maken op een hogere partneralimentatie dan de rechtbank heeft bepaald. De voorzieningenrechter beslist dat de tenuitvoerlegging van de verkoop van de woning wordt geschorst. Vanwege het recht van de vrouw op het voortgezet gebruik van de woning is levering van de woning aan een koper op korte termijn hoe dan ook onmogelijk. De vrouw heeft er belang bij in de tussenliggende periode te kunnen onderzoeken of zij de woning kan overnemen.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
