ECLI:NL:RBNHO:2022:6562
Rechtbank Noord-Holland · 28-07-2022 · zaaknummer HAA - 21/2637
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft aan eiser een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd en een aanslag inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet. In geschil is de hoogte van de stakingswinst. Meer specifiek is in geschil de waarde van de onroerende zaken in verband met de overgang van de onroerende zaken van het ondernemingsvermogen naar het privévermogen. Daarnaast is in geschil of één van de onroerende zaken al dan niet terecht tot het ter beschikking gesteld vermogen is gerekend door eiser. De rechtbank is het met verweerder eens dat deze onroerende zaak geheel moet worden aangemerkt als buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen. Wat betreft de waardering van de onroerende zaken, zijn partijen het eens dat de onroerende zaken in verhuurde staat dienen te worden gewaardeerd. De rechtbank ziet geen reden om partijen hierin niet te volgen. De vraag die voorligt is of verweerder, met het aansluiten bij de huurovereenkomst, aannemelijk heeft gemaakt dat de waarde van de onroerende zaken en daarmee de correctie van de stakingswinst, niet te hoog is. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder dit aannemelijk gemaakt. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
