ECLI:NL:RBNHO:2022:5683
Rechtbank Noord-Holland · 06-07-2022 · zaaknummer 9615190
Inhoudsindicatie
In een verzoekschriftprocedure is beslist dat het gaat om huur van 'overige' gebouwde zaken en is de vordering van de huurder tot verlenging van de ontruimingstermijn na een belangenafweging afgewezen. In deze procedure is onder de voorwaarde dat in hoger beroep wordt geoordeeld dat het gaat om de huur van bedrijfsruimte, beslist dat gelet op de eerdere huurovereenkomst geen sprake is van een eerste huurtermijn van vijf jaar, zodat de beëindigingsvordering van de verhuurder kan worden toegewezen op grond van een redelijke belangenafweging. Deze belangenafweging leidt, gelijk als in de zaak van de verzoekschriftprocedure, tot het oordeel dat de huurovereenkomst eindigt en van de huurder kan worden gevergd het gehuurde te ontruimen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
