ECLI:NL:RBNHO:2022:5220
Rechtbank Noord-Holland · 09-06-2022 · zaaknummer C/15/328545
Inhoudsindicatie
De kinderrechter heeft op telefonisch verzoek van de Raad een voorlopige ondertoezichtstelling uitgesproken en een spoedmachtiging tot uithuisplaatsing verleend voor een jonge baby met meerdere onverklaarde botbreuken die op 3 verschillende momenten zijn ontstaan. Een week later volgt de zitting. De kinderrechter laat de voorlopige ondertoezichtstelling in stand. De spoedmachtiging tot uithuisplaatsing wordt ingetrokken, omdat de kinderrechter van oordeel is dat de ouders ter zitting een geloofwaardige mogelijke verklaring hebben gegeven voor het ontstaan van de meeste breuken en de vader zelf met de baby naar de huisartsenpraktijk (en vervolgens het ziekenhuis) is gegaan, omdat hij vermoedde dat zij mogelijk een beentje had gebroken. De kinderrechter is van oordeel dat de veiligheid van de baby ook zonder uithuisplaatsing voldoende is gewaarborgd en dat het voor de baby in deze zeer belangrijke levensfase (hechting en borstvoeding) belangrijker is om te worden herenigd met haar ouders.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
