ECLI:NL:RBNHO:2022:3700
Rechtbank Noord-Holland · 26-04-2022 · zaaknummer 15-144597-18 en 15-194475-18
Inhoudsindicatie
Verzoek einde zaak art. 29f Sv (voorheen 36 Sv). Ondanks HR:2019:1472 verzoek toch inhoudelijk beoordeeld. Het mag dogmatisch juist zijn dat verzoeker zich tot de voorzitter van het gerecht zou kunnen wenden om de zaak weer op een zitting te laten zetten, erg realistisch is dat niet, gelet op de grote achterstand in te behandelen strafzaken. Daar komt bij dat er bij het opnieuw appointeren van de zaak in dat geval zittingsruimte verloren gaat, die anders voor een andere zaak had kunnen worden gebruikt. Bovendien gaan daar tijd, moeite en kosten mee gepaard in verband met administratieve verwerking, opstellen en betekenen oproeping, kosten advocaat, afwerking vonnis en dergelijke. De ‘koninklijke weg’ die volgens de Hoge Raad moet worden bewandeld, wordt daarmee tot een maatschappelijk onaanvaardbare route. De rechtbank zal die dan ook niet volgen, maar het verzoek inhoudelijk beoordelen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
