ECLI:NL:RBNHO:2022:2834
Rechtbank Noord-Holland · 31-03-2022 · zaaknummer 21/1067
Inhoudsindicatie
Verweerder heeft aan eiser een bouwstop opgelegd en gelast met onmiddellijke ingang de werkzaamheden te staken. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder eiser ten onrechte niet gehoord in bezwaar. Dat het bezwaar van eiser summier oogde maakt niet dat sprake was van een kennelijk ongegrond bezwaar. Beroep wegens schending artikel 7:3 Awb gegrond. De rechtbank zal zelf in de zaak voorzien en is van oordeel dat hoewel de overtredingen door verweerder al eerder geconstateerd waren en daarom geen sprake leek te zijn van spoedeisendheid, in dit geval toch een bouwstop kon worden opgelegd omdat de bouw nog in volle omvang was en elke volgende bouwstop een verdere afwijking van de vergunning en dus overtreding zou kunnen opleveren. Verder geen sprake van bijzondere omstandigheden op grond waarvan verweerder van handhavend optreden had behoren af te zien. Het is niet aan verweerder om bij het opleggen van een bouwstop te motiveren dat sprake is van bouwkundige problemen omdat van de verleende omgevingsvergunning is afgeweken. Beroep gegrond. Rechtsgevolgen blijven in stand.
Rechters
Advocaten
- K.G.O. Afriyieh
- R. de Boer
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schagen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Schagen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
