ECLI:NL:RBNHO:2021:8745
Rechtbank Noord-Holland · 29-09-2021 · zaaknummer C/15/320127 / FA RK 21-4365
Inhoudsindicatie
De instelling meent dat de klachtencommissie buiten haar bevoegdheid is getreden door zelfstandig een klachtgrond toe te voegen en de klacht op dat punt gegrond te verklaren. Ingevolge artikel 10:7 lid 2 van de Wvggz dient de rechtbank een beslissing te geven over de klacht die door betrokkene is ingediend en niet over de beslissing van de klachtencommissie. Toch ziet de rechtbank het als onderdeel van haar taak als ‘beroepsrechter’ in de klachtprocedure om enige overwegingen te wijden aan de door de instelling opgeworpen kwestie. Uit de overgelegde stukken blijkt dat betrokkene ter zitting van de klachtencommissie noch in latere stukken zijn klacht heeft aangevuld door een beroep te doen op schending van artikel 8:9 lid 2 van de Wvggz. Betrokkene kende dit voorschrift zelfs niet. Bij de behandeling van de klacht door de rechtbank is betrokkene niet verschenen, zodat ook daar de klacht niet is aangevuld. De rechtbank heeft daarom, anders dan de klachtencommissie, geen aanleiding gezien de klacht van betrokkene ruimer op te vatten dan zij hierboven heeft gedaan en heeft deze ongegrond geacht.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
