Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNHO:2021:2917

Rechtbank Noord-Holland · 09-04-2021 · zaaknummer 15/185082-20

Strafrecht; StrafprocesrechtGepubliceerd 09-04-2021
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De aan verdachte in deze strafzaak tenlastegelegde feiten maken deel uit van een onderzoek naar een reeks gewelddadige acties in de periode van februari 2020 tot en met juli 2020, gericht tegen leeftijdsgenoot [slachtoffer 2] en zijn familie. Het dieptepunt is bereikt op 31 mei 2020, toen de moeder van [slachtoffer 2] zwaar gewond is geraakt door een ontploffing van zwaar vuurwerk (Cobra 6) aan de brievenbus van haar woning. Maar ook daarvoor en daarna hebben er ernstige incidenten plaatsgevonden. Er is twee keer een fragmentatiebom in de achtertuin van de woning van die moeder ontploft, het keukenraam van haar woning is meerdere malen vernield, er is een plan bedacht haar woning in brand te steken, de woning en de auto van de grootouders van [slachtoffer 2] zijn vernield, [slachtoffer 2] en zijn broer zijn bedreigd en de auto van de grootmoeder van [slachtoffer 2] is in brand gestoken. Deze aanslagen hebben alle plaatsgevonden na de ontploffing van een vuurwerkbom bij het pannenkoekenrestaurant in het Reinaldapark te Haarlem op 1 januari 2020, een wraakactie van [slachtoffer 2] tegen zijn voormalige werkgever waarbij zijn medeverdachte [medeverdachte 2] zwaar gewond is geraakt. Vervolgens is er een conflict tussen [slachtoffer 2] en [medeverdachte 1] ontstaan, waarbij [medeverdachte 1] aan [slachtoffer 2] verweet dat [slachtoffer 2] geen openheid van zaken heeft gegeven tegenover de politie. Vanaf 2 februari 2020 zijn voornoemde acties tegen [slachtoffer 2] en zijn familie ondernomen. Bij de acties zijn naast [medeverdachte 1] in ieder geval drie anderen betrokken geweest, onder wie verdachte. De rechtbank acht bewezen dat verdachte die alle feiten bekend heeft, op 31 mei 2020 samen met [medeverdachte 1] een zware mishandeling met voorbedachten rade jegens de moeder van [slachtoffer 2] heeft gepleegd en opzettelijk een ontploffing heeft teweeggebracht, in eendaadse samenloop. Ook acht de rechtbank bewezen dat verdachte samen met anderen het keukenraam van de woning van de moeder van [slachtoffer 2] meerdere keren heeft vernield of beschadigd, dat hij in juni 2020 samen met anderen de auto van de grootmoeder van [slachtoffer 2] in brand heeft gestoken en op 6 juli 2020 als laatste in de reeks acties samen met [medeverdachte 1] een ontploffing van een fragmentatiebom in de achtertuin van de woning van de moeder van [slachtoffer 2] heeft teweeggebracht. In verband met vrijwillige terugtred wordt verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging voor medeplegen van opzettelijke brandstichting en voor voorbereiding daarvan kort daarvoor, op 4 juli 2020. Verdachte wordt veroordeeld tot een deels voorwaardelijke jeugddetentie, met een proeftijd van twee jaar en onder de bijzondere voorwaarden van onder meer een contactverbod met de slachtoffers en medeverdachten en een locatieverbod. Daarnaast wordt aan verdachte een werkstraf opgelegd van 200 uur. Verdachte is al voor aanvang van de zitting een mediationtraject met het slachtoffer ingegaan. Tevens moet hij een schadevergoeding betalen van in totaal € 30.127,56 aan het slachtoffer, de moeder van [slachtoffer 2].

Partijen

  • [medeverdachte 5]

    verdachte · onbekend

  • [verdachte]

    verdachte · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.