ECLI:NL:RBNHO:2020:7456
Rechtbank Noord-Holland · 05-10-2020 · zaaknummer AWB - 19 _ 1944
Inhoudsindicatie
In geschil is of verweerder de rente op juiste wijze heeft vastgesteld. In het bijzonder is in geschil of over de periode 1 mei 2016 tot op de dag van terugbetaling van de invoerrechten rente verschuldigd is berekend naar het tarief van de invorderingsrente van artikel 28c IW, zoals eiseres stelt, of rente gelijk aan de vertragingsrente, zoals verweerder stelt. De rechtbank concludeert dat de rente ter zake van teruggaven met betrekking tot aangiften aanvaard voor en vanaf 1 mei 2016 moet worden berekend op de voet van artikel 28c IW. Dit heeft te gelden zowel voor de rente berekend over de periode tot 1 mei 2016 als voor de rente berekend over de periode na die datum. Verweerder heeft dus te weinig rente vergoed. Alle vier de beroepen zijn dus gegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belastingdienst Douane Amsterdam
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Belastingdienst Douane Amsterdam
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
