Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNHO:2020:6477

Rechtbank Noord-Holland · 22-07-2020 · zaaknummer AWB - 19 _ 4910

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 20-08-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In geschil is de hoogte van de proceskostenvergoeding in bezwaar en de vraag of de hoorplicht is geschonden. De rechtbank is van oordeel dat het bestreden besluit ten onrechte gegrond is verklaard omdat geen sprake was van een onrechtmatigheid van de kant van verweerder bij het nemen van het primaire besluit. De aanmaningskosten zijn terecht in rekening gebracht. Eiseres had daarom in feite geen recht op een proceskostenvergoeding in bezwaar. De rechtbank komt daarom niet toe aan een inhoudelijke beoordeling daarvan. Verweerder is van mening dat, gelet op (het verbod op) reformatio in peius de vermindering van de aanmaningskosten en de toegekende proceskostenvergoeding in stand dienen te blijven. De rechtbank ziet geen aanleiding hierover anders te oordelen. De hoorplicht ziet uitsluitend op het primaire besluit en niet op alle bijkomende verzoeken die in bezwaar worden gedaan. Daarom had verweerder eiseres niet hoeven horen. Het beroep is ongegrond.

Rechters

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.