ECLI:NL:RBNHO:2020:6289
Rechtbank Noord-Holland · 05-08-2020 · zaaknummer 8586216
Inhoudsindicatie
Arbeidszaak. Voorlopige voorziening art. 223 Rv. Mondelinge uitspraak. Werkgever wordt bij wijze van voorlopige voorziening veroordeeld tot betaling van loon. De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet in de hoofdzaak waarschijnlijk niet geldig zal worden geacht. Werkgever heeft aan het ontslag op staande voet verklaringen van de werknemer ten grondslag gelegd die de werknemer heeft gedaan in een mediationgesprek, terwijl partijen daarover geheimhouding hebben afgesproken en zijn overeengekomen dat zij verklaringen afgelegd in een mediationgesprek niet tegen elkaar (als bewijs) zullen gebruiken. Onder die omstandigjheden mocht de werkgever die verklaringen niet als dringende reden gebruiken voor een ontslag op staande voet.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[gedaagde]
gedaagde · onbekend
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
