ECLI:NL:RBNHO:2020:1486
Rechtbank Noord-Holland · 03-03-2020 · zaaknummer AWB - 17 _ 4789
Inhoudsindicatie
Kernvraag in deze zaak is of het normale tarief van 6% aan overdrachtsbelasting of het verlaagde tarief van 2% is verschuldigd. Eiser (en zijn partner) stellen dat de onroerende zaak een woning is en verweerder stelt dat de onroerende zaak naar zijn aard geen woning is. De rechtbank stelt vast dat op eiser de bewijslast rust om aannemelijk te maken dat de onroerende zaak naar zijn aard een woning betreft. Naar het oordeel van de rechtbank is eiser daarin niet geslaagd. Ten aanzien van de verzuimboete oordeelt de rechtbank dat er geen sprake is van een pleitbaar standpunt. De rechtbank matigt de boete met 15% in verband met overschrijding van de redelijke termijn.
Advocaten
- P.J. Wattel
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
