ECLI:NL:RBNHO:2019:7835
Rechtbank Noord-Holland · 10-09-2019 · zaaknummer AWB - 18 _ 990
Inhoudsindicatie
Het concern waarvan eiseres deelt uitmaakt, houdt zich bezig met de ontwikkeling van vastgoed. In dat kader verstrekt eiseres leningen aan groepsvennootschappen. Eiseres wenst in 2011 ruim € 6 miljoen af te waarderen op leningen aan groepsvennootschappen. In 2012 bijna € 2 miljoen. De rechtbank oordeelt dat het arm’s length beginsel (artikel 8b wet Vpb) zich verzet tegen de afwaarderingen ten laste van de winst. De in aanmerking te nemen rente ten aanzien van de onzakelijke leningen wordt vastgesteld analoog aan een borgstelling. Niet in geschil is dat de rentevorderingen ten aanzien van twee leningen mogen worden afgewaardeerd naar nihil. De overige rentevorderingen mogen niet worden afgewaardeerd. Omdat verweerder de afwaardering van één van de rentevorderingen niet eerder heeft toegestaan, en in de beroepsfase wel, is het beroep gegrond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Belastingdienst
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Belastingdienst
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
