ECLI:NL:RBNHO:2019:7701
Rechtbank Noord-Holland · 04-09-2019 · zaaknummer HAA 19/1840
Inhoudsindicatie
Allereerst wordt overwogen dat de beslissing om al dan niet met toepassing van artikel 9, eerste lid, van de Wegenwet een weg aan het openbaar verkeer te onttrekken tot de bevoegdheid van verweerder behoort die daarbij beleidsruimte heeft. […] Ingevolge bestendige jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling, zie bijvoorbeeld de uitspraak van 27 december 2018: ECLI:NL:RVS:2018:4268) hoeft voor het besluit tot onttrekking van een weg(deel) aan het openbaar verkeer geen dringende reden te bestaan. Het aldus begrepen betoog van eiseres dat onttrekking van een weg of weggedeelte alleen mogelijk is indien er sprake is van een zwaarwegend particulier belang, wordt derhalve niet gevolgd. […] Gelet op het vorenstaande ligt het primaat bij het besluit een weg aan de openbaarheid te onttrekken bij verweerder en kan de rechtbank slechts dan ingrijpen indien de uitkomst van de belangenafweging onmiskenbaar onevenredig is. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake. Na de onttrekking aan het openbaar verkeer van het brede deel van het pad blijft nog altijd een (weliswaar smaller) openbaar pad over via welke men zich van het ene deel van de Boeijerstraat naar het andere deel kan begeven. Nu het openbare karakter van het pad niet geheel verdwijnt en het pad (in afgeslankte vorm) openbaar blijft, is er naar het oordeel van de rechtbank sprake van een minder zwaar belang aan de kant van eiseres dan een situatie waarbij het pad volledig aan de openbaarheid zou worden onttrokken. […] De rechtbank stelt op basis van het vorenstaande vast dat aan weerszijden van het pad een enigszins groter stuk grond aan de openbaarheid is onttrokken dan achteraf bezien bedoeld was. Anders dan eisers ziet de rechtbank daarin geen onrechtmatigheid. Gelet op de systematiek van artikel 4 van de Wegenwet is het mogelijk dat een (stukje) weg voor een ieder toegankelijk is, maar niet ‘openbaar’ als bedoeld in die wet. Nu de bestemming ‘Verkeer-verblijf’ niet wijzigt en een ieder van die stukjes weg gebruik kan blijven maken, zit in het ontstaan van die stukjes grond geen onrechtmatigheid verscholen. Na verloop van tijd zullen de ‘toegankelijke’ stukjes weg naar verwachting weer ‘openbaar’ worden als bedoeld in de Wegenwet. Eisers worden door deze gang van zaken niet in enig belang geschaad.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Alkmaar
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
