ECLI:NL:RBNHO:2019:6442
Rechtbank Noord-Holland · 16-07-2019 · zaaknummer AWB - 18 _ 798
Inhoudsindicatie
Wat betreft het standpunt van eiseres dat meer beperkingen moeten worden aangenomen dan de verzekeringsartsen hebben gedaan, volgt de rechtbank de verzekeringsarts bezwaar en beroep in zijn toelichting dat er weliswaar sprake is van veel klachten en aandoeningen maar dat een groot deel van deze klachten onvoldoende medisch objectiveerbaar is om tot een andere uitkomst over de arbeidsgeschiktheid te kunnen leiden. De rechtbank acht hierbij met name van belang dat duidelijk is gemotiveerd waarom de klachten die volgens eiseres te wijten zijn aan het ASIA-syndroom niet (voldoende) medisch objectiveerbaar zijn, omdat over het ASIA-syndroom nog onvoldoende bekend is. Hoewel de rechtbank heel goed begrijpt dat het voor eiseres moeilijk moet zijn dat zij onvoldoende erkenning krijgt voor de door haar ervaren medische klachten, staat de eis van objectivering in de weg aan het aannemen van verdergaande beperkingen. Aan het ASIA-syndroom kan dan ook niet de door eiseres gewenste waarde worden gehecht. Dat het RIVM gevraagd is een vervolgstudie te verrichten doet hieraan niet af. De uitkomsten van dit onderzoek zijn immers nog niet bekend. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de medische grondslag van het bestreden besluit kan worden gevolgd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
