ECLI:NL:RBNHO:2019:4752
Rechtbank Noord-Holland · 21-05-2019 · zaaknummer C/15/288112 / FA RK 19/2516
Inhoudsindicatie
Voor de rechtbank staat op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting vast dat bij betrokkene sprake is van een geestelijke stoornis. De rechtbank is van oordeel dat uit de tekst van artikel 2, eerste en tweede lid, Wet Bopz niet volgt dat in alle gevallen op het moment van het verlenen van de voorlopige machtiging helder moet zijn welke diagnose op de betrokkene van toepassing is.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
