ECLI:NL:RBNHO:2017:5663
Rechtbank Noord-Holland · 12-07-2017 · zaaknummer AWB - 16 _ 1776
Inhoudsindicatie
“Uit de parlementaire geschiedenis die heeft geleid tot de invoering van artikel 13d, negende lid, van de Wet Vpb (oud) blijkt dat de voortzettingsbepaling is ingevoerd teneinde oneigenlijk gebruik van de liquidatieverliesregeling door middel van voortzetting van de onderneming binnen concern, te voorkomen. Alhoewel tijdens de parlementaire behandeling niet expliciet is vermeld op welk moment de verbondenheid zou moeten worden getoetst, kan uit citaten uit de parlementaire geschiedenis worden afgeleid dat de verbondenheid op het moment van de voortzetting direct na overdracht van de ondernemingsactiviteiten moet worden beoordeeld. Dat het liquidatieverlies pas bij voltooiing van de vereffening in aanmerking kan worden genomen, betekent immers niet dat de eventuele verbondenheid naar datzelfde moment moet worden nagegaan. Beroep ongegrond.”
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
