Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RBNHO:2016:266

Rechtbank Noord-Holland · 20-01-2016 · zaaknummer C/15/225409 / HA ZA 15-274

Civiel rechtGepubliceerd 15-01-2016
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Geen schadevergoeding voor de werkelijk gemaakte, bovenforfaitaire, kosten aan rechtsbijstand in de bestuursrechtelijke procedures. Toetsingskader zoals volgt uit het arrest van de Hoge Raad van 29 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1456. Met artikel 8:75 Awb is beoogd het oordeel omtrent de vergoeding van deze kosten bij uitsluiting op te dragen aan de bestuursrechter. De burgerlijke rechter dient daarom de eiser die vergoeding van de kosten van een bestuursrechtelijke bezwaar- of beroepsprocedure vordert, in beginsel niet-ontvankelijk te verklaren, ook als die vordering gegrond is op onrechtmatige daad. Vast staat dat Sweers in bezwaar en beroep heeft verzocht om bovenforfaitaire veroordeling in de proceskosten en dat daarop afwijzend is beslist. In onderhavig geval geen sprake van een uitzondering voor aanvullende rechtsbescherming door de burgerlijke rechter. Sweers heeft niet gesteld dat hij aanspraak maakt op vergoeding van kosten voor bezwaar of beroep die hij redelijkerwijs niet aan de bestuursrechter of het bestuursorgaan heeft kunnen voorleggen. De toelichting van de advocaat van Sweers dat het gaat om het gehele samenstel van dit dossier wat onrechtmatigheid van handelen door Gemeente Haarlem oplevert, volstaat daartoe in zoverre niet. Voor zover Sweers de vordering daarmee op andere schade heeft willen betrekken, is sprake van een wijziging van eis die, op deze wijze doorgevoerd niet alleen processueel ontoelaatbaar is, maar ook nog eens volstrekt onvoldoende feitelijk is toegelicht. Sweers had moeten uitleggen waarin de onrechtmatigheid precies schuilt, wat de daardoor veroorzaakte schade is en waarom die aan de gemeente moet worden toegerekend. In het licht van de in onderhavige procedure overgelegde producties is voorstelbaar dat het bestuurlijk en bestuursrechtelijk handelen dat in de procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State voorlag en dat heeft geleid tot vernietiging van de ligplaatsvergunning, moet worden geplaatst binnen een ruimer kader van gedragingen van Gemeente Haarlem jegens Sweers die enkel in hun onderling verband en samenhang goed op waarde kunnen worden geschat. Voor zover het Sweers daarom is begonnen zal hij een verzoek voorlopig getuigenverhoor moeten indienen. Dat is het kader waarbinnen de discussie gevoerd kan worden over de vraag of er voldoende gronden zijn om de aanzienlijke reeks van getuigen in rechte te horen

Advocaten

Partijen

  • [eiser]

    eiser · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.